Verzending NL €4,95 óf gratis ophalen in Breda. Verzending BE €9,00.

Reality check: Dit is de impact van fast fashion op onze aarde.


De prijzen van kleding zijn in de afgelopen 20 jaar flink gedaald. Hierdoor hebben we steeds meer kleding kunnen kopen. We hebben nu gemiddeld vijf keer zoveel kleding in onze kast hangen als onze opa’s en oma’s vroeger hadden. Fantastisch, zou je denken. 

In werkelijkheid is deze continue groei van goedkope kleding alleen mogelijk door een constante verlaging van productiekosten. Dit heeft ernstige gevolgen voor onze gezondheid, de planeet en het leven van de arbeiders die de kleding produceren.

Ik probeer over het algemeen zoveel mogelijk weg te blijven van negativiteit. Dit is misschien niet de leukste informatie om tot je te nemen, maar ik ben ervan overtuigd dat de kennis je helpt om nog betere keuzes te maken. Dat is de reden dat ik dit artikel heb geschreven. Ik hoop dat het je, als je er nog niet genoeg redenen voor had, aanspoort om eens wat vaker te kiezen voor de duurzamere opties binnen de mode-industrie. 

Probleem 1: Het concept van fast fashion.
Het is bijna een uitdaging geworden om kleding van ketens als Zara en H&M meer dan vijf keer te dragen. De kwaliteit van de kleding in deze winkels neemt al jaren af. Het resultaat is dat de kleding super snel vervaagt, vormloos wordt of er versleten uitziet. De trends veranderen zo snel dat we het bijna niet bij kunnen houden. We blijven maar kopen om er hip uit te zien.

Dat is wat we verstaan onder de noemer “fast fashion”: de massaproductie van goedkope wegwerpkleding. Talloze nieuwe collecties per jaar zodat we ons constant out of fashion voelen en aangespoord worden om meer te blijven kopen.

Een aantal belangrijke cijfers op een rijtje:

  • Er worden elk jaar 80 miljard kledingstukken geproduceerd.
  • Gemiddeld dragen we een kledingstuk slechts 7 keer.
  • In plaats van twee collecties per jaar (spring/summer en fall/winter), brengen fast fashion ketens tot wel 52 "micro collecties" per jaar uit.
  • Gemiddeld produceren we 35 kilo textielafval per persoon, per jaar.
  • We produceren 400% meer kleding dan 20 jaar geleden.
  • De meeste vrouwen dragen slechts 20-30% van de kleding in hun kledingkast.

    Probleem 2: Onze kleding wordt binnen no-time afval.
    Kleding is dus een wegwerp item geworden. Hierdoor is er steeds meer textielafval. Een westers gezin gooit gemiddeld 30 kilogram kleding per jaar weg. Van alles wat we in de kledingbakken gooien, wordt slechts 15% gerecycled of geschonken en de rest gaat rechtstreeks naar de vuilnisbelt.

    Synthetische vezels, zoals polyester, zijn eigenlijk plastic. Ze zijn niet biologisch afbreekbaar en kan het tot 200 jaar duren voor ze vergaan. In 72% van onze kleding worden synthetische vezels gebruikt.

    Probleem 3: De mode-industrie vervuild en gebruikt ontzettend veel water.
    In de meeste landen waar kleding wordt geproduceerd, wordt het afvalwater van textielfabrieken in de rivieren gedumpt. Dit afvalwater bevat de giftige stoffen waar we het eerder over hadden, maar ook stoffen als lood, kwik en arseen. Deze zijn super schadelijk voor het waterleven en de gezondheid van de mensen die aan de oevers van de rivieren wonen. Deze gifstoffen komen ook in de zee terecht en verspreiden zich uiteindelijk over de hele wereld.

    Ook worden er enorme hoeveelheden vers water gebruikt voor het verven en afwerken van kleding. Katoen heeft bijvoorbeeld veel water nodig om te groeien, maar wordt meestal gekweekt in warme en droge gebieden omdat de productie daar goedkoper is. Er is zo’n 20.000 liter water nodig om 1 kilogram katoen te produceren. Bizar toch? Er wordt jaarlijks 1,5 biljard liter water verbruikt door de mode-industrie, terwijl 750 miljoen mensen op aarde geen toegang hebben tot schoon drinkwater. 

    Een ander probleem is dat wanneer we een synthetisch kledingstuk wassen, er ongeveer 1.900 microvezeltjes vrijkomen. Deze komen in het water en uiteindelijk in onze oceanen terecht. Wetenschappers hebben ontdekt dat kleine waterorganismen die microvezels opnemen. Deze worden vervolgens gegeten door kleine vissen, die later worden gegeten door grotere vissen, waardoor plastic in onze voedselketen wordt geïntroduceerd.

    Probleem 4: De chemische middeltjes liegen er niet om.
    Chemische middelen worden in elk onderdeel van de textielproductie gebruikt voor het maken van vezels, het bleken en het verven van stoffen. En niet in kleine hoeveelheden. Nee, er is 1 kilogram aan chemicaliën nodig om 1 kilogram kleding te produceren. Wanneer ze in de winkels aankomen, bevatten de kledingstukken nog steeds veel chemicaliën, zelfs kleding gemaakt van "100% natuurlijke" materialen. Onze huid is het grootste orgaan van ons lichaam en absorbeert alles wat we erop doen, inclusief de chemicaliën uit onze kleding. Deze kunnen een reëel gevaar voor onze gezondheid vormen.

    Ik hoor je denken: “Ach, dat zal toch wel mee vallen?”

    Greenpeace deed recent onderzoek naar de giftigheid van kleding. Ze kwamen 11 chemicaliën tegen die vaak worden gebruikt om onze kleding te maken terwijl die gifstoffen, kankerverwekkende en hormoonverstorende stoffen bevatten. Deze zouden verboden moeten zijn, maar zijn dat momenteel niet. 

    De studie vond gevaarlijke chemicaliën in 63% van de geteste items van 20 verschillende textielmerken (inclusief de bekende fast fashion merken).

    Probleem 5: Vergeet de broeikasgassen niet.
    Wist je dat de mode-industrie verantwoordelijk is voor 10% van de wereldwijde CO2-uitstoot? Er komen een heleboel broeikasgassen tijdens de productie en het transport van de miljoenen kledingstukken die elk jaar worden gekocht.

    Synthetische vezels zoals polyester en acryl, worden voor veel kledingstukken gebruikt omdat het goedkoop is. Deze vezels zijn gemaakt van fossiele brandstof, waardoor de productie veel energie-intensiever is dan die van natuurlijke vezels. Daarbij wordt de meeste kleding geproduceerd in China, Bangladesh of India, landen die voornamelijk worden aangedreven door steenkool. Dit is de meest vervuilende energie als je kijkt naar CO2-uitstoot. Tsja, het wordt er niet echt beter op..

    Probleem 6: Er wordt teveel van de aarde gevraagd.
    Elk jaar worden er duizenden hectares bossen gekapt voor de mode-industrie. Er moet ruimte gemaakt worden voor plantages met bomen waar op hout gebaseerde stoffen van gemaakt worden zoals rayon, viscose en modaal.

    Het kappen van deze bossen bedreigt ons ecosysteem. We hebben die bomen hard nodig om alle CO2 die we uitstoten om te zetten in zuurstof, maar vergeet ook de kwaliteit van leven van de inheemse stammen en dieren die er wonen niet. 

    Ook de bodemkwaliteit van de aarde is fundamenteel voor ons ecosysteem. De wereldwijde aantasting hiervan is een van de belangrijkste milieuproblemen waarmee onze planeet momenteel wordt geconfronteerd. Het vormt een grote bedreiging voor de wereldwijde voedselvoorziening en draagt ook bij aan de opwarming van de aarde.

    De mode-industrie speelt een grote rol in het aantasten van de bodemkwaliteit. Weilanden worden kaal gegeten door kasjmiergeiten en schapen die voor hun wol worden grootgebracht, er worden teveel chemicaliën gebruikt om katoen te laten groeien en zoals eerder genoemd vindt er ontbossing plaats om de productie van bepaalde stoffen te kunnen bijhouden.

    Wat nu?
    Dit is allemaal wel heel droevig nieuws, vind je ook niet? Er is gelukkig ook goed nieuws: er zijn een heleboel oplossingen en alternatieven die deze issues kunnen verminderen. Het belangrijkste is dat wij als consumenten onszelf beseffen dat wij degene zijn die de touwtjes in handen hebben. De hoogste tijd dus om te kiezen voor duurzame initiatieven.

    In het volgende artikel lees je welke duurzame keuzes op het gebied van mode je kunt maken om je negatieve impact te verkleinen.